Poelruiter, Tringa stagnatilis

Lauwersmeer, mei 2007


 

 


Broedt in grasrijke venen en moerassen in laagland op steppen of in hoogvenen in Rusland. Meestal in poelen of op moddervlakten.

Grootte tussen Bosruiter en Tureluur. Lange, rechte (soms iets opgewipte), fijne, zeer dunne snavel, slank lichaam, dunne hals en zeer lange dunne poten dragen bij aan veel slanker en sierlijker uiterlijk dan andere Tringa-soorten. In vlucht met donkere vleugels, lange, smalle witte rugwig (soms bijna tot achterhoofd!) en ver voorbij staart stekende poten. In alle kleden vage witte wenkbrauwstreep. Poten vaal geelachtig of groengrijs. Lijkt veel op de groenpootruiter welke in Nederland veel vaker gezien wordt.

Trekt door Oost-Europa en overwintert in Afrika, zuiden van Midden-Oosten en India. In Nederland vrij zeldzaam 
(eind maart-begin oktober).