Grauwe franjepoot, Phalaropus lobatus / Red-necked Phalarope

Zeeland, augustus 2007


Adult ruiend naar winterkleed



Lengte 17 cm. De snavel is dunner en langer dan die van de Rosse Franjepoot. Het zomerse prachtkleed staat in schril contrast met wat wij hier 's winters te zien krijgen. De Engelse naam 'Red-necked Phalarope' is voor ons dan ook wat misleidend. Franjepoten heten zo, omdat ze gelobde poten bezitten. Ze gebruiken deze gelobde poten om in kringen rond te draaien om het voedsel in het water op te woelen. Een Grauwe Franjepoot draait wel zestigmaal per minuut om zijn eigen as. Zijn roeipoten gaan zes- tot achtmaal per seconde over en weer. Wel een heel speciale manier van voedselzoeken. De Grauwe Franjepoot broedt in ScandinaviŽ, IJsland en nog noorderlijker.

Al vanaf augustus tot in de eerste helft van september kunnen we de Grauwe Franjepoot in Nederland tegenkomen. Meestal verschijnen ze tot in oktober in zoetwatergebieden, terwijl de Rosse Franjepoot pas in het late najaar wordt waargenomen, gewoonlijk na hevige najaarsstormen aan de Noordzeekust en slechts bij hoge uitzondering in het binnenland. Voorjaarswaarnemingen blijven veelal beperkt tot mei.

Relatief worden veel vogels in de noordwestelijke helft van Nederland gezien, bijvoorbeeld in het Lauwersmeer, Eemshaven, randen van het IJsselmeer (Workumerwaard, Oostvaardersplassen), Waddeneilanden, onder water gezette bloembolvelden in Noord-Holland en zoete delen van het Deltagebied.